| Eng | Fr |

Nieuws

Werk

Bewerkt/Verfilmd
Vertaald
Bekroond

Auteur
Optredens
Academisch
Audio/Video
Foto's
Contact

"Boon heeft me nooit aangeraakt"

Gazet van Antwerpen, 08 februari 2008
Martine Cuyt

Fenomenale femme Anita Van Langenhove is blij met expo en boek

Anita Van Langenhove is terug te vinden in de pas gewraakte Fenomenale Feminateek (FF) van Louis Paul Boon onder het kopje 'De Belgische'. Boon stond erbij en keek ernaar toen de foto van een 22- of 24-jarige Anita met drie honden werd geschoten. "Nooit een scheve blik van Louis gekregen", haast ze zich. "Nooit één vinger naar me uitgestoken". "Ronduit belachelijk", noemt ze de weigering van het Antwerpse FotografieMuseum. "Fier dat ik in de collectie zit, samen met mijn favorieten Brigitte Bardot en Ursula Andress. Wanneer komt die expo naar Gent?" Het weze duidelijk: journaliste Martine Cuyt zocht en vond het model veertig jaar na datum en mocht haar spreken. Arlette Stubbe mocht haar fotograferen.

"Tot vorige week had ik nog nooit over de Feminateek gehoord", bekent Anita Van Langenhove (62), door het Antwerpse nieuws hoor ik niets anders meer. Toen ik hoorde dat het FotografieMuseum de tentoonstelling weigert, dacht ik: 'Waar komen ze nu mee af? Ronduit belachelijk'."

Ze doorbladert het boek Fenomenale Feminateek, dat een paar jaar geleden verscheen en glundert. "De eerste keer dat ik dit zie! Het is een boek vol mooie vrouwen en ik moet zeggen dat ik daartussen niet missta. Ik woog toen 54 kg, was goed geproportioneerd. Carlos de Smet, die de foto's nam, zei altijd tegen me: 'Uw onderbenen zeven centimer langer en ge waart perfect. Maar ja, wie is nu perfect? "

Hoe en wanneer is de foto met de drie honden tot stand gekomen?

Door dezelfde Carlos de Smet. Carlos was een jeugdvriend van me en op een dag vroeg hij me of ik niet wat wilde bijverdienen als model. Waarom niet, dacht ik. Je bent jong. En als je jong bent, heb je geld nodig. Als je oud bent ook, overigens. Het was mei '67 of '69, dat weet ik niet meer. Carlos en ik hadden al een aantal fotosessies achter de rug, voor het blad Partner, toen we op een dag ook naar Louis Paul Boon zouden gaan. Eerst zijn we daar ontvangen en hebben we wat gedronken - whisky, dat was ik niet gewoon - en dan zijn we naar de tuin van zijn vriend De Maseneer gegaan. Toen ik in het witte mannenhemd van mijn broer in en uit het oude, verweerde zwembad moest komen, kwam De Maseneer zelf eens kijken, mét drie honden. En ik was absoluut niet happig op honden.

En toch lijkt het op de foto alsof u vertrouwd is met de dieren?

Toevalstreffer van de fotograaf? Die drie Ierse setters liepen aanvankelijk overigens van me weg. Ik moest ze altijd wat te eten geven om ze te lokken. Bedoeling was dat ze mijn schaamhaar zouden bedekken. Meer moet je daar niet achter zoeken. Als je goed kijkt, zie je dat ik met mijn ene hand de ene wat toestop - een hondenbrokje - en de andere wat met mijn andere hand. Hond drie staat op zijn hapje te wachten."

"Mijn haar was toen roodbruin, als de bladeren van de wilde kastanje. Precies dezelfde kleur als de honden, eigenlijk. Ik heb de foto's ooit één keer gezien, in kleur, bij Carlos. Daarna nooit meer. Tot ik de vraag kreeg van het Louis Paul Boon-documentatiecentrum waarover dat interview met Boon precies was gegaan.

U verwijst naar de twee foto's waar u samen met Boon op een bankje zit? Waarbij Boon noteerde: LPB in een vraaggesprek met een 'partner'-meisje.

Precies. Ik weet niet meer waarover we gepraat hebben. Waarschijnlijk heeft hij me gevraagd hoe ik me voelde.

Was dat uw eerste kennismaking met Boon?

Ja en neen. Ik had hem al vaker gezien toen ik kleiner was. We hebben tijdlang op een steenworp van elkaar gewoond, aan de Sint-Annalaan. Ik was toen een kind van acht. Mijn moeder was nogal preuts en vond Boontje 'ne rare'. Misschien had ik het op de foto, waarop we allebei ernstig kijken, over die Sint-Annalaan. Ma heeft nooit geweten dat ik naakt heb geposeerd. Oh nee, zij had het bestorven."

Boon kijkt u in de ogen op de foto's. Maar hij is wel gekleed en u zit er naakt. Heeft u onbeschaamde blikken gevoeld? Beschrijft u hem eens.

Helemaal niet. Ik geloof niet dat hij toen expliciet gekeken heeft, hij was eerder een beetje verlegen. Boon wordt zo gemakkelijk omschreven als een obsceen, vuil manneke, omdat hij daarover schreef. Nooit heb ik daar iets van gemerkt. Hij heeft me niet één keer aangeraakt.

Louis had een zeer mooi gezicht. Een rustgevend gezicht. Hij was niet groot, begon een buikje te krijgen. Maar het bekendst is natuurlijk zijn trage, lijzige stem. Weet ge dat prins Jean-Pol ooit een carnavalsliedje over een kazoo, heeft geschreven, 'een stromuziekske' zeggen ze hier in Aalst, 'gelijk de stemme van Lowie Pol Boin?'. Dat is een klassieker geworden."

"Louis was een echte socialist: van de mensen, voor de mensen. Hij was heel gewoon."

Had u toen al wat gelezen van de schrijver?

Neen. Ik ben dat gaan doen na die ontmoeting. Ik ben begonnen met De Kapellekensbaan en dat is altijd mijn favoriete Boon gebleven. Omdat dat veel herinneringen oproept. Mijn nichtje en ik hebben ik weet niet hoeveel gespeeld op de Kapellekensbaan. Later heb ik nog Mieke Maaike's obscene jeugd gelezen, maar daar schrijft hij soms te plat of te cru naar mijn smaak. Ik neem er geen aanstoot aan, maar sommige mensen wel. Boon staat overigens niet op nummer één in mijn lijstje van favoriete schrijvers. Daar troont Jef Geeraerts. Boon is verhalender, Geeraerts spannender."

Zag u Boon achteraf nog terug?

Zeker. Ik ging mee met Carlos als er een feestje was bij de Boontjes in Huize Isengrimus aan de Vogelenzang. Of we liepen gewoon aan. Altijd welkom. En ik zou niet kunnen zeggen wie sympathieker was: Jeanneke of Louis. Louis was graag in de buurt van mooie vrouwen. Nooit heb ik zijn vrouw jaloers geweten. En nooit kwam je daar ongelegen. Altijd kwam er wiskey op tafel, en veel. Ik mag gerust zeggen dat Boon mij wiskey heeft leren drinken. En er werd over vanalles gesproken: van kunst tot kitch."

En later in de manège. Mijn ex-man was manègehouder en David Boon, Louis' kleinzoon was daar de jongste ruiter met zijn vijf jaar. Als Jo en Lucienne ergens naartoe moesten, kwam Louis met de jongen. Af en toe kwam Jeanneke mee. En met de eerste verkiezing van de bloemenfee bij de Handelsfoor was Louis er ook. Ach, ach, dat was zo'n prettige tijd! Heel leuk! Ik was veel onderweg in die jaren."

Mist u die feestjes?

Die waren zo gezellig! Ik ben nog altijd graag weg. Er wordt toch altijd gesproken over 'dit aardse tranendal'? Ik heb het onlangs nog tegen mijn man Urbain gezegd: 'Ge moet proberen van elke dag een feestje te maken'. En feest kan in kleine dingen zitten, hoor. Wij eten bijvoorbeeld altijd aan dat salontafeltje, zoals de Chinezen. Met kaarsjes. En ja, ik zit in het Feestcomité van Aalst. Dat is ook de reden waarom je me een paar dagen niet aan de lijn hebt gekregen. Carnaval, weetjewel. En ik ben voorzitter van de buikdansgroep, waar ik zelf nog dans, zeker. Tussen al die dunne lijntjes van achttienjarigen (lacht)."

U heeft echt geen foto's van uzelf, al dan niet met Louis?

Neen, ik. De paar foto's die ik had gekregen van Carlos - zonder Boon - zijn uit jaloezie verscheurd door mijn ex-man. Die foto's van mij met Louis legde Britt Kennis van het Antwerpse Booncentrum vorig jaar september aan mij voor. Ik stond versteld. Ik dacht: 'Waar komen die nu vandaan?' Uit het archief van Boon, dus. En nu brengt gij een boek mee waar ik insta én een catalogus van uitgeverij De Arbeiderspers, waarbij mijn foto met Louis 14-groot plakt. Ik alleen, van alle schone vrouwen uit de Feminateek. Tussen mijn favorieten Ursula Andress en Brigitte Bardot - aan Bardot spiegelde ik mij in die tijd. Fier ben ik. Blij dat er iets van is overgebleven, want nooit heb ik een exemplaar van Partner in handen gekregen. Jammer dat Louis niet meer leeft."

"Of ik het opnieuw zou doen? Zeker en vast, maar iets bedekter. Niet uit gêne. Om het litteken dat mijn linkerborst vijf jaar geleden opliep door kanker."


Jo Boon, zoon, fotograaf, archivaris:

"Ik heb Louis altijd weten knippen en plakken. Hij zou beginnen verzamelen zijn op zijn zestiende. Knippen en plakken. Dan maken we een sprong naar 1945. Toen knipte hij de gruwelfoto's van Nürnberg, wat hij beschrijft in Menuet. Aan de Feminateek is hij pas in 1954 begonnen, toen hij op de socialistische krant Vooruit werkte. Na de gruwel kwam de schoonheid. We mogen niet vergeten dat Louis vijf maanden in krijgsgevangschap heeft gezeten.

Hij startte de rubriek De vier hoeken van de wereld, waarvoor hij societyberichten nodig had. Op zijn bureau kwamen een hoop buitenlandse kranten terecht. Daar haalde hij vanalles uit. Ook foto's, van Jane, Marilyn, Gina. En waarschijnlijk is hij in het archief van de krant beginnen te zoeken en heeft hij er misschien al eens eentje gepikt en nog eentje. Als je twee foto's hebt, begint je verzameling."

Louis was een dubbelkunstenaar, 'een schilder, ontspoord'. Af en toe maakte hij een fotooke, maar daarvan ging niets in de Feminateek. Ik heb hem twee keer naakt weten fotograferen - polaroids - telkens met het doel om daar een schilderij of ander picturaal werk van te maken: van Olga Vinck, en van de dochters van dokter Lecomte. De polaroids van de laatsten heeft hij zelfs niet gehouden, maar aan de desbetreffende familie gegeven."

"Ik heb zeker naaktfoto's gemaakt, maar ook daar zit er niet één van in de Feminateek. Van mijn vrouw Lucienne heb ik zowat 600 naaktfoto's gemaakt en die heeft Louis gezien. Zou hij om een foto hebben gevraagd, ik zou gezegd hebben: 'Vraag het haar.' Waarom niet? Wij waren niet preuts. Lucienne liep vaak naakt rond in huis en tuin en ging zo ook al wel eens op Louis' schoot zitten. Als ik in de studio meisjes stond te fotograferen, kwam hij geregeld binnenvallen, 'om een boek of iets te halen'. Niemand maakte daar wat uit, waarom zouden we?"

"Wat Moeke zei over zijn Feminateek? Weinig. 'Hij is weer met zijn vrouwkens aan het spelen'. Of: 'Hij is weer met zijn beeldekens aan het spelen.' Voor Louis was dat werk. Hij zat te werken aan die woonkamertafel als hij zat te knippen en plakken. Ge kent Boon. Dat moest dienen. Alles moest dienen. Ik vergelijk hem met The Beatles. Die hebben gans hun leven hier en daar en ginder vanalles 'gepikt' van anderen, naar zich toe getrokken enfin, verwerkt in hun muziek."

"Met Louis heb ik nooit over zijn Feminateek gepraat. Ik heb wel samen met hem foto's uit de Feminateek verbrand. 100.000 zeg ik altijd, geen idee hoeveel het er waren. Op een dag zei hij: 'Kom, we gaan een vuurken maken'. Waarom? Geen idee. Ik vermoed dat de dingen niet in de collectie pasten. Het was een schoon vuurken."


Lucienne Muylaert-Boon, schoondochter en archivaris:

"Ik heb de volledige Feminateek in mijn handen gehad, zeker. Toen Moeke, Jeanneke, na Louis' dood de Feminateek uit haar huis wilde, "Dat stinkt, dat moet hier weg", hebben wij de collectie in 160 houten kistjes - likeurbonbonkistjes, in feite - gestopt om te bewaren."

"Wat ik er zelf zo fenomenaal aan vind? Die schitterende indeling. Die oneindig vele rubrieken die hij indeelde. Ik noem er een paar: prentkaarten der jaren 1920-1960, de engeltjes, gewaagde straat- en avondkledij, de broek van oma, de anus als centrum,... Hij toont alles, hij maakte een overzicht van alles. Als ge een overzicht maakt moet ge geen vorm wegcijferen. Zelfs geen vormen die choqueren. De wereld zou een stuk prettiger zijn mochten de mensen wat minder snel gechoqueerd zijn."

"Met Louis heb ik ik dikwijls de speciaal boetiekskes van Sluis bezocht. Ik reed hem altijd naar vitaminedokter Lecomte in Knokke - Joke gaf les - en dan reden we door naar Sluis. Ik ging met Louis mee binnen. Zo vaak zagen ze in die tijd geen vrouw binnenstappen. Hij zocht zijn blote boekjes uit. We hebben veel plezier gehad samen: de mensen dachten dat het om een oudere man met zijn jonge minnares ging!"

"Weet je waar voor het eerst een stuk van de Feminateek werd tentoongesteld in 1981? In Antwerpen! De Zwarte Komedie."


Anne Provoost, auteur en curator Zogezegd:

Ging een paar dagen geleden zelf de Fenomenale Feminateek turven bij de erven Boon (foto).

"Vooral de omvang van de collectie heeft me verbaasd. Ik kon me niet voorstellen hoeveel volume 22.600 prentjes waren, maar dat is dus echt een hele muurkast vol. Dat is natuurlijk ook het mysterieuze van de collectie. Je hebt dagen nodig om hem helemaal te bekijken. Er zijn maar twee mensen die de volledige ooit hebben gezien: Boon zelf, en zijn schoondochter die ze in de kistjes heeft gestopt."

"Wat de collectie zelf betreft: wat me verrast heeft, is de humor die erin zit. Je kunt voelen dat Boon wist dat hij iets stouts deed. Hij koketteert enerzijds met het overschrijden van de grenzen. Anderzijds merk je ook dat hij echt een vrijdenker was, dat hij bevrijd met seksualiteit omging, vol bewondering voor het lichaam van de vrouw. Dat is net de vraag die ik op Zogezegd in Gent wil stellen: 'Hoe is onze omgang met seksualiteit ontwikkeld sinds die bevrijdende jaren zestig, ook en vooral in de literatuur. Waren die jaren wel zo bevrijdend, of veroorzaakte ze ook een omgekeerde beweging? Wij tonen de hele feminateek op 4 april, tijdens het evenement van Radio 1 in Vooruit. Ik heb een manier bedacht om dat te doen, meer kan ik daar nog niet over zeggen."


Prof. Kris Humbeeck, directeur van het Louis Paul Boon-documentatiecentrum van de Universiteit Antwerpen.

Schreef een uitvoerig nawoord bij de in april te verschijnen band met het erotisch/pornografische werk van Boon.

"Boons legendarische archief van de vrouw als erotisch 'object' is een gigantisch werk-in-uitvoering dat, behalve uit ontstellend veel in diverse categorieën en subcategorieën ingedeelde foto's, plaatjes, cartoons en reclametekeningen bestaat uit geschreven teksten. In feite heeft Boon geprobeerd na te gaan hoe de vrouw zich in de westerse, beschaafde wereld sinds de Belle Epoque moest presenteren aan de man om diens lusten te kunnen opwekken. Het aardige daarbij is dat de 'feminatekaris' zijn hele onderneming heeft opgevat als een parodie van de etnologen die in de tweede helft van de negentiende eeuw primitieve volken wetenschappelijk gingen bestuderen. Al even aardig voor de Boonlezer is het gegeven dat Boon zichzelf als pseudo-wetenschapper van het mensdier 'vrouw' heeft geportretteerd in de roman 'De paradijsvogel' uit 1958, één van zijn sterkste boeken overigens, een vlijmscherpe analyse van de cultus rond de weergaloos populaire Marilyn Monroe. In elk geval is de fenomenale feminateek, als kritische commentaar bij het verschijnsel 'vrouw' in de moderne tijd, niet weg te denken uit het oeuvre van deze zelfverklaarde 'viezentist' (lastige jongen, tegendraads karakter)."

"Omdat Boons verzameling vrouwen in hoge staat van ontkleedheid zo immens is, hebben de editeurs van het Verzameld werk alleen een selectie kunnen opnemen. Die selectie gaat veel breder dan de editie van de feminateek die een paar jaar geleden verscheen bij Meulenhoff-Manteau. Ook is ervoor geopteerd bepaalde commentaren uit de feminateek in hun authentieke vorm, in facsimile dus, weer te geven."


Het erotische / pornografische werk – L.P. Boon, Verzameld werk, deel 16, De Arbeiderspers, ligt half april in de boekhandel. Tekstbezorgers Verzameld werk: Kris Humbeeck, Britt Kennis, Matthijs de Ridder, Ernst Bruinsma (L.P. Boon-documentatiecentrum / Universiteit Antwerpen), Anne Marie Musschoot, Yves T’Sjoen (Universiteit Gent).


os:2008. Anita Van Langenhove. 1967 of 1969. Foto's Collectie fenomenale feminateek

Print deze pagina... enkel als het niet anders kan!