| Eng | Fr |

Nieuws

Werk

Bewerkt/Verfilmd
Vertaald
Bekroond

Auteur
   -Biografie
   -Bibliografie
   -Prijzen
   -Interviews
   -Standpunt
   -Favorieten

Optredens
Academisch
Audio/Video
Foto's
Contact

Interviews

Scrittura, November 2007

“Schrijven is voor mij genieten: ik kom op de mooiste plaatsen, maak de interessantste dingen mee”

Aan het woord is Anne Provoost, een van onze belangrijkste Nederlandstalige auteurs. Zij debuteerde in 1990 met Mijn tante is een grindewal, een verhaal over incest. Vallen, waarin een jongen geconfronteerd wordt met hedendaags racisme en het oorlogsverleden van zijn grootvader, betekende haar grote doorbraak. Het boek dat in 1994 verscheen, werd veelvuldig bekroond en in 2001 zelfs verfilmd. Haar verhalen worden gesmaakt tot ver buiten onze landsgrenzen. Ook in haar recentste boek In de zon kijken laat ze de lezer weerom genieten van haar uitstekend vermogen tot precieze observatie en communicatie. Anne Provoost schrijft vanuit een sterke maatschappelijke betrokkenheid. Sociaal engagement dat zij ook in de praktijk brengt in Borgerhout waar zij samen met haar man en drie kinderen woont.

Wou je altijd al schrijfster worden?

Mijn allereerste verhalen maakte ik vóór ik kon schrijven. Ik dicteerde ze aan mijn moeder. Op mijn achttiende stopte ik met schrijven. Omdat ik het belangrijker vond om literatuur te studeren, dan om er zelf te maken. Ik kan die beslissing nog terugvinden in mijn dagboek. Maar het bloed kroop waar het niet gaan kon.

Wat is het leukste aan je werk?

Het vrijdenken. Schrijvers creëren een aparte wereld, los van de rest. We laten ons niet binden door wat we weten, we gaan zoeken naar wat we nog niet weten, en dat zoeken bepaalt het schrijfproces. Van belang is de interne logica van het verhaal, de rest is bijzaak.

Wat zou je doen als je geen schrijfster was?

Op de leeftijd die ik nu heb denk ik dat ik met communicatie bezig zou zijn. Een job waarbij je je voortdurend de vraagt stelt: hoe bereik ik mensen, niet alleen de mensen met mijn opleidingsniveau, maar ook zij die geen internet hebben, de taal niet spreken, of niet kunnen lezen. Dat is een vraag die ik me vanuit mijn vrijwilligerswerk regelmatig stel. Ik ben bezig met samenlevingsopbouw, buurtwerk en ervaringsgericht onderwijs. Daar moet je voortdurend zoeken naar manieren om iedereen te bereiken. Hier in Borgerhout is elke buurt bijzonder divers, dus je moet alle mogelijkheden van communicatie uitputten, van nieuwsbrieven tot affiches, van slogans tot flyers.

Heb je beroepshalve een voorbeeld?

Op dit moment is dat Alice Munro. Zij is een Canadese schrijfster die al geruime tijd wordt getipt als de volgende Nobelprijswinnares. Toch is ze in Vlaanderen weinig bekend. Dat is omdat ze bijna uitsluitend korte verhalen schrijft. Haar verhalen hebben de emotionele resonantie en de cinematografische kracht van vuistdikke romans. In een onderkoelde stijl vertrekt ze vanuit ogenschijnlijk banale voorvallen in levens van vrouwen. De lezer moet paragraaf na paragraaf het verhaal herinterpreteren in het licht van de nieuwe informatie, en ontdekt gaandeweg de onderliggende dramatiek. Ze schrijft over de onomkeerbaarheid van het leven, en bevraagt de meisjesdroom van het gelukkige huwelijk en de lieve kinderen. Ze maakt een analyse van de verhoudingen tussen moeders en dochters, en vrouwen en hun partners. Wat ze vertelt is zo essentieel, en zo relevant, dat ik sinds ik haar leerde kennen voortdurend op zoek ben naar nieuwe teksten van haar hand. Jammer genoeg heeft ze onlangs aangekondigd dat ze stopt met schrijven. Ik hoop dat ze dat niet ernstig bedoelde.

Welke boeken lees je zelf graag?

Op dit moment houd ik van boeken die vertellen, en voor de rest hun mond houden. Als ik lees wil ik hard kunnen werken: zelf de verbanden leggen, zelf interpreteren. Liever geen boeken waar de schrijver dat voor mij doet. Een boek is voor mij geslaagd als het de lezer toestaat om terug te praten. Ik wil met de schrijver in gesprek gaan. De schrijver heeft voor mij niet het laatste woord.

Wat zou je graag aan je kinderen willen meegeven?

Het vermogen om problemen te zien en aan te pakken. Mijn kinderen zitten in een alternatieve school, die we met de ouders samen runnen. Daar leer je al snel om niet te wachten tot iemand je een opdracht geeft. Zo’n school werkt zoals een gezin. Je wacht niet tot iemand zegt wat je moet doen, maar je vraagt: ‘Wat is hier het probleem en hoe los ik het op.’ Zo ben ik ook op de lijst van Groen! komen te staan. Ik heb niet gewacht tot iemand me uitnodigde om in de politiek te stappen. Ik heb om me heen gekeken en me afgevraagd: ‘Wat moet er gebeuren, wat kan mijn aandeel zijn?’

Ben je een levensgenietster?

Genieten is voor mij in de eerste plaats schrijven. Als ik schrijf, doe ik alle dingen die mensen opsommen als ze denken aan genieten: ik kom op de mooiste plaatsen, maak de interessantste dingen mee. Ik hoef niet dikwijls op reis om heel lang op een reis te kunnen teren. Het is voor mij niet nodig om veel avontuurlijke zaken te ondernemen, veel leuker is het om het in mijn hoofd mee te maken.

Is koken voor jou een inspanning of eerder ontspanning?

Ik kook elke dag omdat ik wil weten wat we eten, niet omdat ik het leuk vind. Ik moet altijd iets overwinnen om te eten uit de diepvries of een kant-en-klaarafdeling. Dus moet ik wel elke dag naar de kruidenier om basisingrediënten. Ik heb me, denk ik, lang geleden verzoend met het feit dat ik geen mensen bij elkaar breng rond eten. Als ik mensen bij elkaar breng, is het aan een vergadertafel, voor overleg of rond acties. Ik ga gemakkelijker in op een uitnodiging voor een vergadering dan voor een feestje.

Waaraan geef je gemakkelijk geld uit?

Ik probeer zo weinig mogelijk nieuwe dingen te kopen. Als ik iets nodig heb, stel ik me altijd eerst de vraag of ik het tweedehands kan krijgen. Ik houd van voorwerpen met een geschiedenis, van dingen met een hoek af, dus vind ik het geen probleem dat iets al door iemand anders is gebruikt. Ik probeer ook te zorgen voor de dingen alsof ik ze ooit nog zal doorgeven, dus ik plak en verstel waar mogelijk. Nieuwe dingen vind ik meestal zielloos. In een eerstehandswinkel word ik herinnerd aan de massaproductie, in de kringwinkel heb ik altijd het gevoel dat ik iets unieks meeneem.

Wat was je beste aankoop ooit?

Een kaduuk antiek kooitje met scheve spijlen. Ik heb er mijn Gouden Uil, dat is een verguld aandenken aan een van mijn eerste literaire prijzen, in gezet. Ik ga er altijd van uit dat de mooiste dingen in het leven ongeveer gratis zijn. Iets waar ik echt van kan genieten, bijvoorbeeld, is de verandering van licht als de zon draait of verdwijnt. Of van geuren, van kinderen die rustig liggen te slapen, van een rit met de fiets na de regen, van een goed opgebouwde mail, van verse lakens in mijn bed.

En de meest mislukte?

Een aankoop kan niet mislukken als je er niet te veel geld aan geeft. Als ik iets niet meer mooi vind of niet meer gebruik, breng ik het gewoon terug naar de kringwinkel. Ik word blij van de gedachte dat er straks iemand is die daar dan weer heel blij mee is.

Print deze pagina... enkel als het niet anders kan!