Lezingen

Nieuws
Werk
   -Alle
   -Ebooks
   -Luisterboeken
   -Bewerkt/Verfilmd
   -Vertaald
   -Bekroond

Auteur
   -Biografie
   -Bibliografie
   -Prijzen
   -Interviews
   -Standpunt
   -Dissertaties
   -Favorieten

Audio/Video
Foto's
Contact

Leestip in Deus Ex Machina

Beste achttienjarige die dit schrift in handen houdt,

Lijk je in enige mate op de achttienjarige die ik was, net klaar met de middelbare school, overtuigd dat alles wat het leven de moeite waard zou maken opgeslagen lag in die ene vraag: wat is het Kwaad, en hoe kan het bestaan?
Lees dan Beminde van Toni Morrison over een weggelopen slavin in Amerika van wie het huis wordt bespookt door een jong dood kind. Het laat sporen, afdrukken van kleine handjes in de bloem voor het brood op het aanrecht, op de handdoeken, op de ramen. Het veroorzaakt geklop en geschud midden in de nacht. Het wordt op de eerste pagina’s verjaagd omdat een oude vriend het huis in komt, Paul D genaamd, een van de donkere mannen van de plantage waar ook het hoofdpersonage Sethe uit is ontsnapt. Paul D vlucht korte tijd later, hij wordt het huis uit gejaagd, door een ander dood kind.

Er zijn drie manieren om dit boek te lezen:

Methode 1:

Je leest regel voor regel dit hoogst suggestieve verhaal voor de plot, je keert telkens terug om de puzzelstukken in elkaar te passen, je houdt aantekeningen bij met namen en hebbelijkheden van personages (Paul D is degene die zijn hart in een tabaksdoos heeft gestopt, bij Sethe groeit er een boom op haar rug) en je vindt je weg in het kluwen van mensen die elk verschillend reageren op hun gevangenschap en hun illegale ontsnapping (hoe kunnen ze vrij zijn nadat ze een leven lang als vee zijn behandeld, inclusief het verplichte kweken van nageslacht dat wordt afgepakt en verkocht?). Je gaat als het boek uit is googelen. Je vindt oeverloos veel informatie. Toni Morrison heeft de Nobelprijs voor Literatuur ontvangen, en het internet raakt niet uitgepraat over haar oeuvre, al helemaal niet over de vraag of Beloved een spook is of een mens van vlees en bloed. Je vlooit de verschillende hypotheses na, en je leest van het boek opnieuw, om te kijken naar de vingerwijzingen. Je beseft dat alles in de taal zat.

Methode 2:

Je leest de tekst voor de taal, aan één stuk door, zonder oponthoud, alsof je een warme oceaan in duikt. Je geniet van de beschrijvingen van het landschap en de karakters, van de beeldspraak en de suggestieve woordkeuze, zonder stil te staan bij wat je niet begrijpt van de verhaallijn, zonder je al te veel af te vragen of je aanwijzingen hebt gemist. Je dompelt je onder in het voodoo-achtige spookverhaal van personages die de hele tijd in gedachten teruggaan naar het verleden, toen het Kwaad al hun denken regeerde en ze louter voortbewogen op angst en hoop om aan hun generaties-oude nachtmerrie te ontsnappen. Als het boek uit is, begin je opnieuw. Je bent nu gewend aan de krachtige beelden van Morrison. De intrigerende plot begint je te dagen, je wil die het koste wat het kost reconstrueren. Je gaat op zoek naar clous die houvast geven. Je ziet nu dat alles in de tekst klaarzat. De plot gaat voor je open. Elke verhaalwending is ineens volstrekt logisch.

Methode 3

(dat is de methode die ik zelf heb gevolgd toen ik jong was):

Je leest zonder plan, je begint gewoon, je weet niet wat je overkomt, het boek overvalt je, je twijfelt aan jezelf, je denkt dat je niet meer kunt lezen, dat je geen Nederlands meer begrijpt. Je verzinkt in het hoofd van Sethe, daarna in dat van anderen – zijn ze echt, of zitten ze in het hoofd van elkaar? Je ondergaat de rememory waarvan Paul D spreekt, je gaat mee in de vraag of er nog weerbaarheid kan zijn na de brainwash? Je geeft de controle af, je hijst de witte vlag, je laat je meevoeren in een partnerdans die handelt over moederschap, transgenerationeel trauma, en de vraag wat mensen in tijden van rampspoed kunnen betekenen voor elkaar. Je denkt als het boek uit is: wat was dat? Heb ik een verhaal gelezen, of was het een gedicht? Je vindt niets aan het verhaal logisch, je kunt de plot niet navertellen, hoe je ook probeert. Je vraagt je af of je misschien te jong was, niet genoeg ervaring hebt. Je leest het boek vijf jaar later opnieuw, tien jaar later weer, en zo verder iedere vijf jaar, je hele leven lang. Het wordt je lijfboek, je maatstaf, je opstap naar al je andere boeken.

ap